← Terug naar alle markers
Vitamines

Vitamine D (25-OH)

Algemene referentie: 30–100 ng/mL

Wat het aangeeft

De bepaling meet 25-hydroxyvitamine D, de vorm die de lever maakt uit vitamine D dat in de huid onder invloed van zonlicht wordt gevormd of met voeding en supplementen wordt opgenomen. Het circuleert lang genoeg om de voorraden te weerspiegelen, wat het tot de aanvaarde maat voor de algehele vitamine D-voorziening maakt. Die voorziening ligt ten grondslag aan de calcium- en fosfaathuishouding, de botmineralisatie en de regulatie van de bijschildklieren.

Nog geen resultaten voor deze marker.

Hoge en lage waarden

Lage waarden zijn het vaakst terug te voeren op weinig blootstelling aan de zon, de winter op noordelijke breedten, een lage inname via de voeding, of een slechte opname na darmziekte of bariatrische chirurgie; lichaamsvet houdt vitamine D buiten de circulatie, en sommige geneesmiddelen versnellen de afbraak ervan. Een langdurig tekort is wat het parathormoon doet stijgen en de botmineralisatie verzwakt. Hoge waarden zijn vrijwel altijd terug te voeren op supplementen en niet op zon of voeding. Beide richtingen zijn een reden om opnieuw te meten en de uitslag aan een arts voor te leggen.

Wat de uitslag beïnvloedt

De uitslag schommelt met het seizoen — een monster dat aan het einde van de winter is afgenomen ligt lager dan dat van dezelfde persoon aan het einde van de zomer — en ook een recent ingenomen hoge dosis supplement of een acute ziekte verschuift haar; de bepalingen verschillen tussen laboratoria, dus een trend wordt het best in één laboratorium gevolgd. De bepaling staat op hetzelfde vitaminepaneel als vitamine B12 en foliumzuur, maar wordt niet samen daarmee geduid: haar klinische gezelschap is calcium, fosfaat, parathormoon en alkalische fosfatase.

Referentiewaarden zijn algemene waarden voor volwassenen en hangen af van laboratorium, testmethode, leeftijd en geslacht. Bedoeld ter oriëntatie, niet als diagnose — bespreek de resultaten met uw arts.