Geïoniseerd calcium meet de vrije, ongebonden fractie die fysiologisch actief is bij zenuwgeleiding, spiercontractie en stolling. Deze fractie wordt van moment tot moment gereguleerd door parathormoon en vitamine D. Anders dan het totale calcium is ze onafhankelijk van albumine en geeft ze de calciumstatus dus rechtstreeks weer.
Nog geen resultaten voor deze marker.
Een verhoogd geïoniseerd calcium weerspiegelt meestal overactief bijschildklierweefsel of een overmaat aan vitamine D en calciumsuppletie. Verlaagde waarden gaan meestal samen met vitamine D-tekort, chronische nierziekte, een lage bijschildklierfunctie of een acute ziekte zoals pancreatitis of sepsis. De bepaling wordt gewoonlijk aangevraagd wanneer het totale calcium onduidelijk is, en is in die situatie de betrouwbaarste van de twee. De interpretatie hoort bij een arts.
De meting is gevoelig voor de bloed-pH: alkalose, ook door hyperventilatie vóór of tijdens de bloedafname, verschuift calcium naar albumine en verlaagt de vrije fractie, terwijl acidose deze verhoogt. Monsters moeten anaeroob worden behandeld en snel worden verwerkt, en een langdurig aangelegde stuwband vertekent het resultaat. De uitslag wordt samen met het totale calcium, albumine, magnesium, fosfor, vitamine D en parathormoon gelezen.
Referentiewaarden zijn algemene waarden voor volwassenen en hangen af van laboratorium, testmethode, leeftijd en geslacht. Bedoeld ter oriëntatie, niet als diagnose — bespreek de resultaten met uw arts.