← Terug naar alle markers
Lever

Totaal bilirubine

Algemene referentie: 3.4–20.5 µmol/L

Wat het aangeeft

Totaal bilirubine meet het pigment dat vrijkomt wanneer rode bloedcellen worden afgebroken en door de lever verwerkt, waarbij zowel de fractie die in de lever al geconjugeerd is als de fractie die in het bloed nog aan albumine gebonden is worden meegeteld. Het geeft twee dingen tegelijk weer: het tempo van de afbraak van rode bloedcellen en het vermogen van de lever om op te nemen, te conjugeren en uit te scheiden wat die afbraak oplevert. Het is een kernmarker van het leverpanel en tevens de stof die bij geelzucht de huid en de oogwit kleurt.

Nog geen resultaten voor deze marker.

Hoge en lage waarden

Verhoogde waarden volgen meestal op versnelde afbraak van rode bloedcellen, een erfelijke variatie in het conjugerende enzym zoals het syndroom van Gilbert, beschadiging van levercellen ongeacht de oorzaak, of belemmering van de galafvloed. Welke daarvan in het spel is, wordt doorgaans niet bepaald door het totaal maar door de verdeling tussen de directe en de indirecte fractie. Lage waarden hebben weinig klinisch gewicht en worden in het algemeen niet nader onderzocht. Eén uitslag buiten het referentiegebied is een reden om de test te herhalen en deze aan een arts voor te leggen, en op zichzelf geen conclusie.

Wat de uitslag beïnvloedt

Nuchter zijn, een periode van weinig eetlust, intensieve inspanning, een tussentijdse infectie of slaaptekort kunnen de waarde alle bescheiden verhogen, wat het meest van belang is bij mensen met het syndroom van Gilbert; hemolyse in de buis en langdurige blootstelling van het monster aan licht vertekenen de waarde in beide richtingen. De uitslag wordt geïnterpreteerd naast direct bilirubine, dat de fracties scheidt, en naast ALT, AST, GGT en alkalische fosfatase, die beschadiging van levercellen van cholestase onderscheiden. Bepaalde geneesmiddelen, waaronder paracetamol, nimesulide, ceftriaxon en ursodeoxycholzuur, zijn een reden om de waarde in de tijd te volgen.

Referentiewaarden zijn algemene waarden voor volwassenen en hangen af van laboratorium, testmethode, leeftijd en geslacht. Bedoeld ter oriëntatie, niet als diagnose — bespreek de resultaten met uw arts.